Welke opleiding is nodig voor opslag van lithiumbatterijen?
De opslag van lithiumbatterijen is de afgelopen jaren een steeds belangrijker veiligheidsthema geworden. Distributiecentra slaan grote aantallen nieuwe batterijen op, recyclingbedrijven krijgen gebruikte en beschadigde exemplaren binnen en in magazijnen bevinden zich steeds vaker accu’s voor elektrisch gereedschap, fietsen, voertuigen en industriële toepassingen. Daarmee groeit ook de vraag welke kennis medewerkers nodig hebben om deze batterijen veilig op te slaan.
opslag van lithiumbatterijen
Een veelgestelde vraag is daarom: welke opleiding is verplicht voor medewerkers die lithiumbatterijen opslaan? Het antwoord is genuanceerder dan simpelweg stellen dat iedere medewerker een PGS 37-2-certificaat moet hebben. PGS 37-2 stelt verschillende eisen aan deskundigheid, opleiding en instructie, afhankelijk van de functie van de medewerker. Daarbij is vooral het onderscheid belangrijk tussen medewerkers die werkzaamheden op de locatie uitvoeren en de door het bedrijf aangewezen deskundige.
PGS 37-2 is het uitgangspunt voor veilige opslag
Voor de bedrijfsmatige opslag van lithiumhoudende energiedragers is PGS 37-2: Lithiumhoudende energiedragers – Opslag ontwikkeld. De meest actuele versie is PGS 37-2:2023 versie 1.1 van april 2026.
De richtlijn behandelt de risico’s die specifiek samenhangen met lithiumhoudende energiedragers. Daarbij wordt rekening gehouden met verschillende soorten opslag en met de toestand van de batterijen. Nieuwe batterijen vormen bijvoorbeeld een ander risicoprofiel dan gebruikte, beschadigde of instabiele batterijen.
Een belangrijk risico is thermal runaway. Daarbij ontstaat in een cel een zichzelf versterkend proces waarbij de temperatuur snel kan oplopen. Dit kan leiden tot ontgassing, brand en verspreiding naar naastgelegen cellen of batterijen. Afhankelijk van de batterijchemie en omstandigheden kunnen daarbij brandbare en schadelijke gassen vrijkomen.
Juist omdat de toestand van een batterij tijdens opslag kan veranderen, draait veilige opslag niet alleen om brandwerende constructies en technische voorzieningen. Medewerkers moeten afwijkingen kunnen herkennen en weten wat zij vervolgens moeten doen.
Niet iedere medewerker heeft dezelfde opleiding nodig
PGS 37-2 maakt duidelijk onderscheid tussen verschillende niveaus van kennis. Maatregel M46 bepaalt dat alle personen die werkzaamheden verrichten op een locatie waar PGS 37-2 van toepassing is, op de hoogte moeten zijn van de gevaren van lithiumhoudende energiedragers en de maatregelen die bij onregelmatigheden moeten worden genomen.
Daarnaast moeten deze personen bekend zijn met het interne noodplan.
Dat betekent bijvoorbeeld dat een magazijnmedewerker die pallets met batterijen verplaatst moet begrijpen welke signalen kunnen wijzen op een probleem. Een vervormde behuizing, lekkage, beschadiging, rookontwikkeling of abnormale warmteontwikkeling mag niet worden behandeld alsof er slechts een beschadigde doos met gewone handelsgoederen in het magazijn staat.
De medewerker moet weten dat lithiumhoudende energiedragers specifieke risico’s kennen en moet begrijpen welke interne procedure moet worden gevolgd.
PGS 37-2 verlangt daarmee dus wel degelijk kennis en instructie van medewerkers, maar schrijft niet voor dat iedere medewerker exact dezelfde opleiding moet volgen.
De aangestelde deskundige heeft een zwaardere rol
Voor de feitelijke werkzaamheden in de opslagvoorziening gaat PGS 37-2 verder. Maatregel M45 schrijft voor dat tijdens het uitvoeren van werkzaamheden in een opslagvoorziening minimaal één door het bedrijf aangestelde deskundige aanwezig moet zijn.
Deze deskundige moet aantoonbaar voldoende vakbekwaam zijn in het omgaan met lithiumhoudende energiedragers én in het gebruik van de aanwezige middelen voor het bestrijden van een incident met deze energiedragers.
De toelichting bij PGS 37-2 maakt concreter wat hieronder wordt verstaan. De deskundige moet voor zijn of haar werkzaamheden zijn opgeleid in de toepasselijke PGS-voorschriften en daarnaast beschikken over basiskennis van de gevaren en risico’s van lithiumhoudende energiedragers.
Dat is een belangrijk verschil met de algemene instructie van andere medewerkers. Van de deskundige wordt een aantoonbaar hoger kennisniveau verwacht. Het bedrijf moet bovendien informatie over de vakbekwaamheid van deze persoon beschikbaar hebben.
Een onderneming die lithiumbatterijen opslaat, doet er daarom verstandig aan duidelijk vast te leggen welke medewerkers als deskundige zijn aangewezen en hoe hun vakbekwaamheid is aangetoond.

Wat moet een deskundige weten?
Een goede opleiding voor de PGS 37-2-deskundige moet verder gaan dan alleen uitleggen dat lithiumbatterijen kunnen branden. De medewerker moet begrijpen welke risico’s ontstaan en vooral hoe de voorschriften binnen de eigen opslag worden toegepast.
Daarbij is kennis nodig van de verschillende toestanden waarin energiedragers kunnen verkeren. PGS 37-2 maakt bijvoorbeeld onderscheid tussen nieuwe, gebruikte, beschadigde of defecte en andere categorieën energiedragers. Daarnaast is de vraag belangrijk of een batterij stabiel of instabiel is.
Die beoordeling heeft praktische consequenties. PGS 37-2 stelt bijvoorbeeld specifieke eisen aan de opslag van instabiele beschadigde of defecte energiedragers. Deze kunnen niet zonder meer tussen de reguliere voorraad blijven staan.
Ook de ingangscontrole is daarom belangrijk. Een magazijnmedewerker of deskundige moet weten waarop bij ontvangst moet worden gelet en welke procedure moet worden gevolgd wanneer een batterij beschadigd of verdacht blijkt te zijn.
Herkennen van een instabiele batterij is essentieel
Een van de belangrijkste competenties binnen de opslag is het tijdig herkennen van afwijkingen. Lithiumbatterijen kunnen intern beschadigd zijn zonder dat onmiddellijk brand ontstaat. Mechanische beschadiging, productiefouten, kortsluiting, oververhitting of een eerder incident kunnen uiteindelijk tot instabiliteit leiden.
Wanneer een batterij tijdens ontvangst of opslag afwijkend gedrag vertoont, moet snel worden gehandeld. PGS 37-2 bevat daarom maatregelen voor monitoring en voor het afzonderlijk opslaan van instabiele beschadigde of defecte energiedragers.
Voor medewerkers is dit veel relevanter dan uitsluitend theoretische kennis over batterijchemie. Zij moeten vooral leren wat zij in hun dagelijkse werkzaamheden kunnen tegenkomen en wanneer een situatie moet worden geëscaleerd naar de interne deskundige of noodorganisatie.
Ook heftruckchauffeurs moeten worden opgeleid
PGS 37-2 besteedt afzonderlijk aandacht aan bestuurders van interne transportmiddelen. Maatregel M47 bepaalt dat bestuurders van bijvoorbeeld heftrucks en elektrische pallettrucks voldoende moeten zijn opgeleid in het veilig gebruiken van het transportmiddel én geïnstrueerd moeten zijn over de gevaren van het hanteren en opslaan van energiedragers.
Dat is logisch. Mechanische beschadiging vormt een relevant risico bij lithiumbatterijen. Wanneer een heftruckvork een verpakking binnendringt en daarbij een batterij beschadigt, kan een gevaarlijke situatie ontstaan.
Een heftruckcertificaat alleen is daarom niet voldoende om aan dit onderdeel van PGS 37-2 invulling te geven. De chauffeur moet ook basiskennis hebben van de risico’s van de energiedragers waarmee hij of zij werkt en bekend zijn met de bedrijfsinterne noodprocedures.
Wat moet er gebeuren bij een incident?
Opleiding en instructie moeten niet stoppen bij preventie. Medewerkers moeten ook weten wat zij moeten doen wanneer er daadwerkelijk iets misgaat.
PGS 37-2 bevat verschillende maatregelen rondom noodsituaties. De precieze reactie is afhankelijk van het incident, de opslagvoorziening en de aanwezige veiligheidsvoorzieningen. Het belangrijkste voor medewerkers is dat zij niet op eigen initiatief gaan improviseren.
Wanneer een batterij rookt, abnormaal warm wordt of andere tekenen van instabiliteit vertoont, moet duidelijk zijn wie wordt gewaarschuwd, welke afstand moet worden gehouden, welke procedure van toepassing is en wanneer de hulpdiensten worden ingeschakeld.
Daarom verlangt PGS 37-2 dat medewerkers ook op de hoogte zijn van het interne noodplan.
Een goede opleiding combineert kennis van de PGS-richtlijn dan ook met de procedures van het eigen bedrijf. De theoretische opleiding vormt de basis; de bedrijfsspecifieke instructie vertaalt deze kennis naar de werkelijke opslagvoorziening.
PGS 37-2 en de huidige wetgeving
Bij PGS 37-2 is het belangrijk onderscheid te maken tussen de inhoud van de richtlijn en de manier waarop deze juridisch van toepassing wordt.
Op dit moment is de opslag van lithiumbatterijen nog niet als zelfstandige milieubelastende activiteit aangewezen in het Besluit activiteiten leefomgeving. Dat betekent echter niet dat bedrijven PGS 37-2 eenvoudig kunnen negeren. Wanneer de opslag functioneel ondersteunend is aan een andere aangewezen milieubelastende activiteit, kunnen regels uit het Bal relevant zijn. Daarnaast kan PGS 37-2 in bepaalde situaties via vergunningvoorschriften worden voorgeschreven.
Los daarvan zijn werkgevers op grond van de arbeidsomstandighedenregelgeving verplicht werknemers adequaat voor te lichten en te instrueren over de risico’s van hun werkzaamheden. PGS 37-2 verwijst bij M44 voor training en opleiding van werknemers expliciet naar artikel 8 van de Arbeidsomstandighedenwet.
De exacte opleidingsbehoefte moet daarom altijd worden bepaald vanuit de werkzaamheden, de risico’s, de toepasselijke voorschriften en de eigen opslagvoorziening.
Opleiding voor de PGS 37-2 opgeleide persoon
Voor medewerkers die binnen een bedrijf de rol van deskundige vervullen, is specifieke kennis van PGS 37-2 noodzakelijk. VNCW College biedt hiervoor de E-learning PGS 37-2 Opgeleid Persoon aan.
Deze opleiding is gericht op medewerkers die betrokken zijn bij de opslag van lithiumhoudende energiedragers en behandelt de specifieke risico’s en maatregelen die daarbij een rol spelen. De cursus helpt medewerkers inzicht te krijgen in de veilige omgang met lithiumbatterijen en in de voorschriften die voor de opslag relevant zijn.
Voor bedrijven is zo’n opleiding bovendien een praktische manier om de vakbekwaamheid van de aangewezen deskundige aantoonbaar te maken. Daarbij blijft het noodzakelijk de theoretische kennis aan te vullen met instructie over de eigen opslagvoorziening, aanwezige incidentbestrijdingsmiddelen en interne noodprocedures.
Bekijk de E-learning PGS 37-2 Opgeleid Persoon bij VNCW College:
https://vncw-college.nl/product/e-learning-pgs37-2/
Opleiden op basis van functie en verantwoordelijkheid
De vraag welke opleiding nodig is voor de opslag van lithiumbatterijen heeft dus niet voor iedere medewerker hetzelfde antwoord. PGS 37-2 verlangt dat personen die werkzaamheden verrichten op een locatie waar de richtlijn van toepassing is, op de hoogte zijn van de gevaren, de maatregelen bij onregelmatigheden en het interne noodplan. Voor bestuurders van interne transportmiddelen gelden aanvullende instructie-eisen.
Voor de door het bedrijf aangestelde deskundige ligt de lat hoger. Tijdens werkzaamheden in de opslagvoorziening moet minimaal één dergelijke deskundige aanwezig zijn. Deze persoon moet aantoonbaar vakbekwaam zijn, zijn opgeleid in de toepasselijke PGS-voorschriften en beschikken over basiskennis van de gevaren en risico’s van lithiumhoudende energiedragers.
Daarmee wordt opleiding een essentieel onderdeel van veilige batterijopslag. Brandwerende compartimenten, detectie, monitoring en quarantainevoorzieningen zijn belangrijk, maar uiteindelijk moeten de mensen op de werkvloer afwijkingen herkennen en weten wat zij moeten doen. Juist bij lithiumbatterijen kan tijdig en correct handelen het verschil maken tussen een beheersbare afwijking en een incident dat zich verder door de opslag verspreidt.
Kijk voor de voordelen van een lidmaadschap op vncw.nl.
